Nederlandse kunst doet het wél goed in buitenland

29-11-07

Waar hebben we het eigenlijk over? Het was de Belgische curator Ann Demeester die halverwege het openbare kunstsubsidiedebat, begin vorige maand, de vinger op de zere plek legde. 'We zitten hier te discussieren op basis van een onderbuikgevoel', roep ze verontwaardigd. 'Er is een gebrek aan feiten en cijfers'.

Tot dat moment had zich in de Bibliotheek van Amsterdam een chaotische afgespeeld tussen fondsdirecteuren en beeldend kunstenaars. Allemaal hadden ze om het hardst geroepen dat het niet goed gaat met de beeldende kunst in Nederland. Alleen over de schuldvraag werd men het niet eens. Grote tentoonstellingen gaan aan ons land voorbij, zo werd geroepen. In galeries is nauwelijks een internationale ster te zien. En onze eigen kunstenaars leven al jaren op de armoedegrens. Het is pappen en nathouen, zo luidde de conclusie. En toen verhief Ann Demeester haar stem.

'Waar hebben we het eigenlijk over?'Het is een terechte vraag. Want terwijl beleidsmakers, inclusief minister Plasterk, zich buigen over het probleemgeval van de beeldende kunst, is er in de Nederlandse kunstinstellingen deze weken opvallend veel moois te zien.

Beter is het om de vraag om te keren: waarom doen Nederlandse kunstenaars die internationaal opereren het zo slecht in eigen land? Want wordt het niet eens tijd dat Raedeckers werk ook weer eens op eigen bodem te bewonderen is?

Vrijblijvend advies? Stel ons een vraag...

U kunt gemakkelijk en vrijblijvend contact met ons opnemen. Wij streven ernaar om uw bericht zo snel mogelijk te behandelen. De velden gemarkeerd met een * zijn verplicht.

  1. Naam *

  2. Telefoon

  3. E-mail *

  4. Uw vraag verzoek of opmerking *