Reclamerecht

Het reclamerecht bevat ingrediënten van zowel de IE-rechten als het informatierecht. Reclamebureaus bezitten auteursrecht op hun producten en – mits voldoende uitgewerkt – ook op hun concepten. Dat biedt hen in beginsel een sterke positie. Ook – en in sommige gevallen juist – als er sprake is van pitches. Aan de andere kant is het portretrecht een inperking van het auteursrecht, waarmee serieus rekening moet worden gehouden. Opdrachtgevers van reclamebureaus hebben verder meer dan eens behoefte aan en baat bij een sterke merkbescherming. Reden voor reclamebureaus om daar bij hun dienstverlening aan de klant aandacht aan te besteden.

Misleidende en vergelijkende reclame

Het reclamerecht kent ook nog een aantal geheel eigen regels. Die zijn voornamelijk neergelegd in art. 194 boek 6 BW en betreffen vooral de begrippen ‘misleidende reclame’ en ‘vergelijkende reclame’. Sinds 2002 is overigens vergelijkende reclame wettelijk toegestaan, zodat onder bepaalde voorwaarden in een reclamecampagne het merk van een ander gebruikt mag worden. Toetsing aan die uitdrukkelijk in de wet genoemde voorwaarden blijft dus wel noodzakelijk. Daarnaast is het reclamerecht geregeld in de Nederlandse Reclame Code (NRC), waarin behalve algemene regels ook bijzondere regels zijn opgenomen voor specifieke situaties.