Faites vos jeux

door: Kees Berendsen

 

Een idee of concept auteursrechtelijk beschermen is lastig, dat is bekend. Het is een van de eerste lessen auteursrecht, die je als aankomend student meekrijgt. Een idee is vrij, je kunt het niet monopoliseren. "En - pleeg ik daar dan altijd wat moralistisch aan toe te voegen - dat is maar goed ook". Was dat anders dan zou dat de 'free flow of information' en de 'free flow of creativity' in de weg staan en zag de wereld er een stuk minder leuk uit. Het wordt pas anders als het idee of concept in een mate is uitgewerkt dat je ervan toch kunt zeggen dat het een 'werk' is met alle auteursrechtelijke voorwaarden die daaraan zijn te stellen. Staat Iemand die een concept of een spel bedenkt dus auteursrechtelijk helemaal met lege handen? Zal hij onder bepaalde omstandigheden toch een beroep kunnen doen op zijn auteursrecht en daarmee een concurrent de pas kunnen afsnijden? Of ook: kan hij - omgekeerd - met zijn auteursrecht voorkomen dat een concurrent hem de pas afsnijdt? In de rechtspraak zien we daarvan een treffend (geslaagd) voorbeeld in een zaak over een televisieformat. De rechtbank Den Haag in zijn uitspraak van 18 april 2012 in de zaak Inspiron versus Pokonobe geeft een ander voorbeeld. Dit keer geen tv format, maar een spelconcept. Maakte Inspirion met de verhandeling van het 'Wackelturm'-spel inbreuk op het door Pokonobe gestelde auteursrecht op het door haar verhandelde Jenga-spel. Beide partijen erkennen dat een spelidee op zich niet auteursrechtelijk beschermd is. Maar hoe verder? Ik citeer de rechtbank: "Het 'Jenga'-spelconcept is een behendigheidsspel. De maakster (mevrouw Scott) heeft gebruik gemaakt van creatieve en subjectieve - niet banale en triviale - keuzes waardoor sprake is van een eigen intellectuele schepping die de persoonlijkheid van de maakster weerspiegelt of - anders gezegd - resulteert in een voortbrengsel dat het persoonlijk stempel van de maker draagt" Dat klinkt allemaal nogal abstract, maar de rechtbank laat niet na omstandig zijn opvatting feitelijk te onderbouwen.Tot de subjectieve elementen die daaraan bijdragen rekent de rechtbank dat Scott voor haar behendigheidsspel heeft gekozen voor houten blokken/balken als elementen van een hoge constructie in de vorm van een vierkante toren dat zijn maximale hoogte heeft bereikt als alle blokken zijn gestapeld; alsdan zijn er in totaal 18 etages ontstaan waarbij ten slotte de subjectieve keuze is gemaakt om drie elementen per etage te gebruiken, aanvankelijk met ruimte ertussen, ......in de definitieve uitwerking aaneengesloten. In de verklaring van Scott (die door Pokonobe was overgelegd) verklaart zij uiteindelijk voor deze laatste wijze van stapelen te hebben gekozen omdat dit een stabiele toren als vertrekpunt van het spel tot gevolg had, hetgeen het spel spannender maakt. Onderdeel van het spelconcept is vervolgens dat de elementen niet alleen om de beurt door spelers uit de constructie moeten worden verwijderd, maar moeten die ook nog op de toren worden geplaatst, waardoor deze meer instabiel wordt. Hierin zit ook de behendigheidsfactor van het spel. Gelet op de verschillende behendigheidsspellen die op de markt verkrijgbaar zijn kan niet gezegd worden dat de keuzes van de maakster banaal of triviaal zijn, zodat het onderhavige spelconcept zelfstandig wordt beschermd". Scherper kon de rechtbank het niet zeggen. Dat de rechtbank naast het spelconcept als zodanig ook het product, dus de uiterlijke verschijningsvorm, auteursrechtelijke bescherming toekende, was een toegift. De rechtbank zei daarover dat voor die uiterlijke verschijningsvorm ook andere keuzes mogelijk waren, getuige onder meer het feit dat Pokonobe zelf ook een variant van het spel op de markt bracht, waarbij de vorm van de balken zo was gekozen dat de toren naar een zijde overhelt. Pas na al deze vaststellingen kwam de vraag aan de orde of de stelling van Inspirion dat haar Wackelturm geen inbreuk opleverde op het Jengaspel, met ja of nee kon worden beantwoord. Het werd een duidelijk nee. Er zijn - aldus de rechtbank - voldoende auteursrechtelijk beschermde trekken aan het Jengaspel ontleend t.b.v. de Wackelturm om te kunnen zeggen dat het onrechtmatig was van Inspirion jegens Pokonobe om de Wackelturm op de markt te brengen.Het spel was gespeeld. Inspirion was de grote verliezer en zal zijn concurrent langs andere wegen moeten zien te passeren.